Voor woningen geldt het verlaagde tarief van 2% voor de overdrachtsbelasting, en niet het hoge tarief van 6%. De vraag of er sprake is van een woning leverde vaak discussies op met de belastingdienst in situaties dat sprake was van een ander gebruik dan als woning. De Hoge Raad heeft onlangs in een aantal arresten criteria gegeven om te bepalen wanneer sprake is van een woning.

Zo ging het om een als kantoorpand gebruikt herenhuis dat werd geleverd aan een particulier, die het pand als woning ging gebruiken. Bij de bouw in 1895 was het een woning. De oorspronkelijke bouwwijze is doorslaggevend. Door het tussentijdse gebruik als kantoor heeft de onroerende zaak haar aard als woning niet verloren. Met zeer beperkte aanpassingen kon de onroerende zaak weer worden bewoond. Alleen als toepassing van deze regels niet leidt tot een duidelijke slotsom, komt mede betekenis toe aan de publiekrechtelijke bestemming.

Het ‘naar zijn aard bestemd’ moet objectief worden benaderd, waarbij de oorspronkelijke bouwwijze doorslaggevend is, en in het geval het bouwwerk vervolgens voor een ander doel is gebruikt, de aard van woning niet verloren is gegaan indien slechts beperkte aanpassingen nodig zijn om het weer te kunnen bewonen.